Saneringssteun bestaat om te voorkomen dat woningcorporaties noodzakelijke sociale werkzaamheden niet meer uit kunnen voeren door financiële problemen. Het saneringskader is gewijzigd op 1 juli 2024. Lees er meer over op deze pagina.
Woningcorporaties spelen een cruciale rol bij de huisvesting van huishoudens met een lager inkomen. Indien een woningcorporatie in financiële problemen komt staat niet het voortzetten van de instelling voorop, maar het voortzetten van de noodzakelijke volkshuisvestelijke werkzaamheden. Denk aan het behouden van sociale huurwoningen, onderhoud en verduurzaming.
Gewijzigde saneringskader
Het gewijzigde saneringskader is op 1 juli 2024 in werking getreden. Het inwerkingtredingsbesluit is te vinden op de website overheid.nl. Het kader is gewijzigd om beter aan te sluiten bij praktische ervaringen van eerdere saneringen. Zoals bij corporatie Woningstichting Geertruidenberg (WSG).
De volgende 3 wijzigingen zijn per 1 juli 2024 in werking getreden:
- Een onafhankelijke adviescommissie noodzakelijk DAEB adviseert welke activiteiten voortgezet dienen te worden.
- Woningencorporaties in de regio krijgen een grotere verantwoordelijkheid bij het voortzetten van de noodzakelijke volkshuisvestelijke activiteiten.
- Er komt een objectivering van de hoogte van de saneringsbijdrage.
Adviescommissie
De adviescommissie bestaat uit de volgende leden:
- Willy de Mooij (voorzitter)
- Marc Eggermont
- Marga Bekker
- Tonny van de Ven
- Harrie Windmüller
De adviescommissie adviseert woningcorporaties in financiële problemen. De werkzaamheden in het belang van de volkshuisvesting blijven op deze wijze behouden. Ook de kosten voor de sanering worden zoveel mogelijk beperkt. Sanering moet tegen zo laag mogelijke kosten plaatsvinden, omdat saneringssteun een publieke heffing voor de hele sector is.
Relevante regelgeving
De volgende regelgeving is van toepassing op dit onderwerp.
- Art. 21d Woningwet: Hier volgt dat het vestigen van zekerheidsrechten op DAEB-bezit door de borger (zodat deze kan garanderen dat toegelaten instellingen voldoende leningen kunnen aantrekken ten behoeve van de DAEB-werkzaamheden) niet beperkt mag worden door een beding of gevestigd recht van anderen dan de borger of financiële instellingen zoals aangewezen in artikel 21c, eerste lid.
- Artikel 56a Woningwet: Lid 1 van dit artikel voorziet in de instelling van de Adviescommissie noodzakelijke werkzaamheden toegelaten instellingen. Lid 2 van artikel 56a belast de adviescommissie met haar centrale (advies)taak, die onderverdeeld is in drie onderdelen (sub a, b en c). In het derde lid is een inlichtingenbevoegdheid voor de adviescommissie vastgelegd. Het vierde lid, ten slotte, voorziet in een delegatiegrondslag om nadere regels te stellen over de adviescommissie.
- Artikel 56b Woningwet: Dit artikel voorziet in een bevoegdheid om een woningcorporatie een aanwijzing te geven om (een deel van) de noodzakelijke daeb-werkzaamheden van een noodlijdende woningcorpo-ratie voort te zetten of om met die noodlijdende woningcorporatie te fuseren. Deze aanwijzingsbevoegdheid is afgeleid uit artikel 61d van de Woningwet.