Organisatorische haalbaarheid gaat over de mate waarin de gemeentelijke organisatie toegerust is om woningsplitsen mogelijk te maken.
Wat te doen om haalbaarheid te bepalen?
Om de organisatorische haalbaarheid van woningsplitsen te bepalen, wordt onderscheid gemaakt in wat je altijd moet doen en wat te overwegen valt.
Altijd doen
- In kaart brengen hoeveel capaciteit en kennis beschikbaar is in de eigen organisatie om aanvragen voor woningsplitsen efficiënt te behandelen.
- Nagaan of er een duidelijk proces en aanspreekpunt is voor initiatiefnemers.
- Inventariseren of er bestuurlijk draagvlak van de wethouder en het college van B&W aanwezig is, en of woningsplitsen als beleidsprioriteit geldt.
Overweeg te doen
- Interne en integrale afstemming organiseren voor initiatieven in de vorm van een vast overleg of werkgroep bijvoorbeeld met de afdeling wonen, ruimtelijke ordening, sociaal domein, verkeer en vergunningverlening.
- Peilen van politiek draagvlak binnen de gemeenteraad of lokale politieke partijen.
- Samenwerken met omliggende gemeenten en de provincie om ervaringen te delen en zowel capaciteit als kennis te vergroten.
- Ambitie voor woningsplitsen opnemen in prestatieafspraken met corporaties om voldoende capaciteit te reserveren voor het meedenken en beoordelen van initiatieven.
Wat zijn belangrijke afwegingen?
Bij het bepalen van de organisatorische haalbaarheid zijn er verschillende afwegingen:
Capaciteit en kennis
Woningsplitsen vraagt om voldoende ambtelijke capaciteit, omdat aanvragen vaak complex zijn en meerdere beleidsvelden raakt. Daarnaast is specifieke kennis nodig van planregels, bouwtechniek en wetgeving om de aanvragen goed te kunnen beoordelen. Investeren in ambtelijke capaciteit, eventueel via provinciale subsidies en scholing op relevante regels, helpt om aanvragen efficiënter te beoordelen en woningsplitsen te stimuleren.
Interne integrale afstemming
Aangezien woningsplitsen raakvlakken heeft met onder andere wonen, ruimtelijke ordening, verkeer en sociaal domein is een interne en integrale afstemming belangrijk. Anders kunnen belangen botsen en besluitvorming vertragen of blokkeren. Gemeenten die splitsen willen stimuleren doen er goed aan om een vaste werkgroep of coördinator in het leven te roepen om afstemming tussen domeinen structureel te organiseren. Dit vergroot de haalbaarheid voor woningsplitsen.
Bestuurlijk draagvlak
Zonder steun van het college van B&W of de wethouder komt beleid op woningsplitsen vaak niet van de grond. Bestuurlijk draagvlak bepaalt of splitsen wordt opgepakt als serieuze beleidslijn en of er ambtelijke inzet voor vrijgemaakt wordt. Woningsplitsen nadrukkelijk koppelen aan urgente thema’s zoals de woningnood, de toenemende zorgbehoefte, vereenzaming of verduurzaming helpt om bestuurlijk draagvlak te creëren en daarmee de haalbaarheid te vergroten.
Duidelijke route voor initiatiefnemers
Als initiatiefnemers geen duidelijk aanspreekpunt of aanvraagroute hebben, raken initiatieven vast in de organisatie. Heldere communicatie en een herkenbaar loket voorkomen dat plannen voor woningsplitsen vroegtijdig stranden. Het inrichten van een centraal aanspreekpunt of een digitaal loket helpt gemeenten om woningsplitsen te stimuleren. Verder is het actief communiceren van de regels en voorwaarden een manier om de haalbaarheid te vergroten, ook voor gemeenten die over minder capaciteit of bestuurlijk draagvlak beschikken.
Op basis van deze organisatorische aspecten bepaal je wat de haalbaarheid is om woningen te splitsen in de gemeente.
Wat zijn voorbeelden?
Organisatorische haalbaarheid begint bij duidelijke interne processen en transparantie richting initiatiefnemers. Gemeente Groningen biedt de mogelijkheid voor een integraal vooroverleg als particulieren twijfelen over de haalbaarheid van hun plannen. Grote winst uit dit voorbeeld is dat er in een vroegtijdig stadium via een laagdrempelige manier duidelijkheid wordt geboden. Precies naar die duidelijkheid zijn initiatiefnemers in de opstartfase op zoek.
Via het loket Bouwen en Wonen kan een plan getoetst worden aan het omgevingsplan, de welstandsnota of andere belangrijke regels. Een integraal overleg kost €160,33 aan leges per aanvraag en vindt plaats zonder de initiatiefnemer. Op de website staan tien vuistregels zodat initiatiefnemers hun plannen voldoende duidelijk kunnen maken met documenten en tekeningen.
Organisatorische haalbaarheid vraagt om voldoende capaciteit en samenwerking tussen verschillende afdelingen binnen de gemeente. Gemeente Renkum organiseert dit via een intaketafel. De intaketafel varieert op drie niveaus: van eenvoudige ruimtelijke plannen tot complexe plannen waarbij veel beleidsvelden betrokken zijn. Verschillende afdelingen waaronder groen, verkeer en ruimtelijke ordening bespreken een bouwinitiatief en geven advies over de slagingskans van het plan. Het plan bespreken in de intaketafel is stap 5 van het stappenplan op de website. De eerste stap raadt aan om contact op te nemen met de passend-wonen-coach. Wil je woningsplitsen stimuleren in je gemeente? Leer dan van het voorbeeld van Renkum: stel een kort en duidelijk stappenplan op, zorg voor een laagdrempelige integrale intakeprocedure en begeleid bewoners vroegtijdig via (bijvoorbeeld) een coach die meedenkt over passende woonoplossingen waaronder splitsing.
Organisatorische haalbaarheid vergt dus integrale afstemming tussen verschillende beleidsdomeinen. Ook de gemeente Son en Breugel is hier actief mee aan de slag. Om verkokering tegen te gaan heeft de gemeente Son en Breugel ‘Team Samenleving’ in het leven geroepen, waarin de harde (wonen en ruimte) en zachte (welzijn en zorg) sectoren in elkaar schuiven. Dit is een mooi voorbeeld, waarbij de gemeente splitsen wil stimuleren en via beleidsoverstijgende samenwerking zorgt voor betere interne en integrale afstemming. Dit leidt ertoe dat ruimte in beleid gevonden wordt en compromissen met botsende belangen gesloten worden, waardoor woningsplitsen eerder haalbaar is. ‘Positief escaleren’: het sneller opschakelen naar hogere niveaus binnen de organisatie helpt om beweging te creëren.
Concreet voor woningsplitsen: als een initiatief vastloopt vanwege parkeerdruk volgens afdeling verkeer, terwijl afdeling wonen het plan juist ondersteunt vanwege de bijdrage aan de betaalbare woningvoorraad, kan een beleidsmedewerker opschakelen naar een integraal overleg met afdelingshoofd of programmamanager. Door het vraagstuk op een hoger niveau te bespreken, kunnen afwegingen in breder perspectief worden geplaatst en kan bestuurlijk of strategisch belang (zoals de woningbouwopgave) zwaarder wegen dan het sectoraal belang. Dit creëert ruimte voor maatwerk en voorkomt dat goede initiatieven stranden in afdelingsdenken. Ook kan gedacht worden aan een ‘splitsregisseur’. Dit is een variant op de optopregisseur in Rotterdam zoals genoemd in de handreiking optoppen 2.0 van Stec Groep. Deze regisseur werkt met een multidisciplinair team waarin ze samen belemmeringen in beleid aanpakken en het proces stroomlijnen voor initiatieven.
Organisatorische haalbaarheid wordt versterkt met een persoonlijke begeleiding en een goede informatievoorziening. Gemeente Wageningen heeft een websitepagina speciaal ingericht, waarbij de verschillende regels per woningdeelvariant zoals woningsplitsen en hospitaverhuur worden besproken. Daarnaast kunnen initiatiefnemers antwoorden op veelgestelde vragen lezen en er staan contactgegevens van de splitsingscoach van de gemeente. Deze coach begeleidt initiatiefnemers bij het splitsen van hun woning. In verschillende gemeenten (en vaak ook op regio- of provinciaal niveau) begeleiden deze coaches initiatieven succesvol. Gemeenten die splitsen willen stimuleren maar tegelijkertijd weinig capaciteit hebben, kunnen ervoor kiezen om samen met omliggende gemeenten informatie van ervaringsdeskundigen te delen of externe expertise zoals een splitscoach in te huren. Veel provincies staan hier welwillend tegenover en verlenen regelmatig subsidies om dit mogelijk te maken.
Organisatorische haalbaarheid gaat over draagvlak en het beschikbaar stellen van capaciteit. Gemeente Rheden heeft in de prestatieafspraken 2024-2025 met woningcorporatie Vivare vastgelegd werk te gaan maken van de hoekwoningenaanpak. Tijdens een pilot willen ze in ieder geval twee woningen realiseren in 2024 met deze aanpak. Voor het opschalen van deze aanpak in een programma is ook een werkgroep opgestart met provincie, NUTS bedrijven en andere relevante stakeholders om belemmeringen in de doorlooptijd van de projecten aan te pakken. Gemeente Rheden maakt op deze manier het doel zeer concreet en koppelt daar direct de (benodigde) organisatie aan. Gemeenten die woningsplitsen willen stimuleren, kunnen ook starten met een kleinschalige pilot en parallel daaraan een brede werkgroep inrichten met externe partners om knelpunten vroegtijdig te signaleren en op te lossen.
Organisatorische haalbaarheid vraagt om een helder proces voor splitsen. Gemeente Leiden biedt een goed voorbeeld met hun klantreis: een overzicht van het traject dat initiatiefnemers doorlopen. Dit geeft inzicht in vragen, behoeften en ervaringen van particulieren. Gemeenten kunnen hieruit leren hoe ze splitsprojecten beter kunnen begeleiden en verankeren in de organisatie.