Wie een woning of gebouw wil verduurzamen, kan in Nederland gebruikmaken van verschillende subsidies, regelingen en leningen. Die financiële steun maakt het makkelijker om te voldoen aan de vernieuwde Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen (EPBD IV). Op deze pagina vind je een overzicht van de mogelijkheden voor woningeigenaren, verenigingen van eigenaars (vve’s), verhuurders en andere gebouweigenaren.
Woningeigenaren
Woningeigenaren kunnen onderstaande subsidies, regelingen en leningen gebruiken.
Met de Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) kunnen woningeigenaren subsidie krijgen als ze een maatregel voor verduurzaming hebben laten uitvoeren. Bijvoorbeeld het isoleren van de woning, het aansluiten op een warmtenet of het installeren van een warmtepomp. Wie meerdere isolatiemaatregelen uitvoert, krijgt dubbele subsidie. Vraag hiervoor subsidie aan binnen 24 maanden nadat de eerste maatregel is uitgevoerd.
Gemeenten kunnen de ISDE ook namens woningeigenaren aanvragen en ontvangen, als zij zelf de subsidie niet voor kunnen schieten.
Woningeigenaren kunnen een aanvraag doen bij het Nationaal Warmtefonds. Dat fonds kijkt dan welk type lening past bij de persoonlijke situatie. Woningeigenaren met een bruto jaarinkomen tot € 60.000 kunnen vaak lenen zonder rente en zonder afsluitkosten.
Kan iemand volgens de regels niet genoeg lenen? Dan beoordeelt het Warmtefonds of een andere regeling mogelijk is. In dat geval betaalt de woningeigenaar geen rente en tijdelijk geen aflossing. Gaat het inkomen later omhoog, of wordt de woning verkocht? Dan moet de lening alsnog (gedeeltelijk) worden terugbetaald. Voor deze regeling geldt een maximum van € 10.000.
Wie een woning koopt, kan de maximale hypotheek verhogen door te kiezen voor een woning met een goed energielabel. Is het energielabel minder goed, dan is bijlenen om te verduurzamen een optie. Financieel adviseurs kunnen voordeliger advies op maat geven, als het gaat om het verduurzamen van de eigen woning.
Met een hypotheek met Nationale Hypotheek Garantie (NHG) kunnen woningeigenaren soms extra lenen voor energiebesparende maatregelen en profiteren van een lagere rente.
Vve’s
Eigenaren van appartementen kunnen verduurzamen via de vve.
Vve’s kunnen de Subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (SVVE) aanvragen. De regeling is voor verduurzamingsonderzoeken, -adviezen, -maatregelen en laadinfrastructuur. Ook vve’s waar zowel eigenaren als huurders wonen, kunnen hier gebruik van maken.
De Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) is voor het plaatsen van een kleine windturbine.
Vve’s kunnen een lening afsluiten bij het Nationaal Warmtefonds. De rente en aflossing van die lening worden dan onderdeel van de bijdrage die eigenaren van appartementen aan de vve doen. Op die manier hoeven zij geen persoonlijke lening af te sluiten.
Voor wie de hogere maandelijkse vve-bijdrage moeilijk kan betalen, heeft het Nationaal Warmtefonds de Vve-ledenlening. Dat is een lening zonder rente die eigenaren pas hoeven af te lossen bij de verkoop van hun appartement.
Voor bewoners die ook eigenaar zijn en vve’s die extra financiële hulp nodig hebben, is er de Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie (SpUk LAI). Die uitkering loopt via de gemeente. Die helpt met begeleiding, advies en extra subsidie, naast de landelijk beschikbare subsidies Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) en Subsidieregeling verduurzaming voor verenigingen van eigenaars (SVVE).
Verhuurders
Verhuurders betalen meestal zelf voor de verduurzaming van de huurwoning. Voor hen zijn verschillende subsidies en regelingen beschikbaar.
De Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) is ook voor woningcorporaties. Zij kunnen er warmtepompen en zonneboilers mee financieren. De hoogte van de subsidie hangt af van het type maatregel.
Voor private verhuurders is er de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH). Met deze regeling krijgen zij subsidie voor isolatiemaatregelen, onderhoud en advies. Maar ook voor duurzame warmteopties, zoals een zonneboiler of warmtepomp.
Een beter energielabel levert verhuurders financieel voordeel op. Het Woningwaarderingsstelsel is een puntensysteem dat bepaalt wat de maximale huurprijs van een woning mag zijn. Hoe beter het energielabel, hoe meer punten de woning krijgt en hoe hoger de toegestane huur.
Verhuurders met een zeer energiezuinige of energieopwekkende woning mogen aan hun huurders een Energieprestatievergoeding (EPV) vragen. Dit geldt als de woning aantoonbaar energie levert voor verwarming, ventilatie en warm water. En als de woning aan bepaalde technische voorwaarden voldoet.
Verhuurders mogen soms de huur verhogen als de huurder een verzoek doet voor een aanpassing die de huurwoning duurzamer maakt. Volgens het initiatiefrecht moet het om een redelijke verhoging gaan.
De Stimuleringsregeling Aardgasvrije Huurwoningen (SAH) is een subsidie voor verhuurders om bestaande huurwoningen aan te sluiten op een warmtenet. Het gaat om subsidie voor kosten binnen de woning en aansluitkosten. De regeling raakte in 2025 snel op, maar in 2026 opent het kabinet de regeling opnieuw.
Gebouweigenaren
Voor eigenaren van gebouwen zonder woonbestemming, ook wel utiliteitsbouw genoemd, zijn verschillende regelingen.
Om gebouweigenaren van maatschappelijk vastgoed en het mkb te helpen met kennis en advies, bieden provincies een ontzorgingsprogramma aan. Zo’n programma geeft advies en ondersteuning bij het maken van een verduurzamingsplan voor een pand en eventueel bedrijfsproces.
Verschillende sectoren bieden ook eigen ontzorgingsprogramma’s aan, met aandacht voor de specifieke uitdagingen in die sector. Bijvoorbeeld voor sport, monumenten en bedrijventerreinen (per provincie).
Maatschappelijke organisaties en instellingen kunnen subsidie krijgen om te verduurzamen met de regeling Duurzaam Maatschappelijk Vastgoed (DUMAVA). Die regeling is bedoeld voor isolatie, een warmtepomp of een integraal verduurzamingsproject. Bij integraal verduurzamen gaat het om meerdere maatregelen die ervoor zorgen dat het gebouw minstens drie energielabels vooruit gaat. Voldoet de verduurzaming aan de renovatiestandaard, dan is de subsidie voor gebouweigenaren nog hoger.
De Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE) is bedoeld voor het plaatsen van een warmtepomp, zonneboiler of kleine windturbine. Gebouweigenaren kunnen ook meerdere maatregelen tegelijk uitvoeren. Dat levert dan ook dubbele subsidie op.
Met de Energie‑investeringsaftrek (EIA) kunnen gebouweigenaren fiscaal voordeel krijgen als zij investeren in energiezuinige technieken of duurzame energie. Een deel van de investeringskosten mogen zij extra van de winst aftrekken. Hierdoor betalen gebouweigenaren minder belasting.
De Milieu‑investeringsaftrek (MIA) en de Willekeurige afschrijving milieu‑investeringen (Vamil) geeft gebouweigenaren de kans om een deel van de investeringskosten extra af te trekken van de fiscale winst. Met Vamil mogen ondernemers 75% van de investering afschrijven. Dat betekent dat gebouweigenaren minder belasting betalen en een deel van hun investering sneller terugverdienen.
Met de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB‑groen) kunnen gebouweigenaren in het mkb een lening afsluiten voor duurzame investeringen. De overheid staat deels garant voor de lening, wat de kans om zo’n lening te krijgen vergroot. Deze lening is voor energiezuinige installaties, isolatiemaatregelen en andere verduurzamingsmaatregelen aan bedrijfsgebouwen.
Met de Regeling Groenprojecten kunnen gebouweigenaren tegen een lagere rente geld lenen voor duurzame projecten. Financiële instellingen bieden zogeheten ‘groene leningen’, omdat zij hiervoor belastingvoordeel krijgen via de overheid.
Het BNG Duurzaamheidsfonds financiert duurzame projecten van maatschappelijke organisaties, zoals scholen, zorginstellingen en gemeenten. Gebouweigenaren sluiten leningen af voor energiebesparende maatregelen of voor verduurzaming van hun vastgoed.
Veel provincies en regio’s hebben eigen energiefondsen die gebouweigenaren helpen bij het verduurzamen. Deze fondsen geven leningen of participaties tegen gunstige voorwaarden. Ze zijn bedoeld voor zowel energiebesparende maatregelen als lokale duurzame energieprojecten.
Kleine ondernemers sluiten via Qredits laagdrempelig leningen af voor verduurzaming van het energiegebruik. Deze leningen zijn beschikbaar tot € 50.000.
Sommige sectoren hebben een waarborgfonds, zoals in de zorg, sport en kinderopvang. Deze fondsen staan (deels) garant voor leningen voor verduurzaming. Daardoor kunnen organisaties makkelijker financiering krijgen en vaak tegen betere voorwaarden lenen.