Als een verhuurder bij het kiezen van een huurder let op persoonskenmerken die er niet toe doen, kan er sprake zijn van discriminatie. Voorbeelden hiervan zijn: etnische achtergrond, mentale of fysieke gezondheid of partnerkeuze. In Nederland mag geen onderscheid gemaakt worden op basis van specifieke persoonskenmerken. Dat staat in de wet.
Herkennen van discriminatie
Onderstaand schema geeft een idee van welke informatie voor een verhuurder of verhuurbemiddelaar wel en niet relevant is bij het zoeken naar en beoordelen van een nieuwe huurder. De vraag naar niet-relevante informatie kan duiden op discriminatie bij de selectie of beoordeling.
| Relevante informatie voor verhuurder | Niet-relevante informatie voor verhuurder |
|---|---|
| Voor- en achternaam | Huidskleur, etnische of culturele achtergrond |
| Adres | Geloof of levensbeschouwing |
| Telefoonnummer | Politieke voorkeur |
| E-mailadres | Partnerkeuze |
| Samenstelling gezin: alleenwonend, samenwonend, met of zonder kinderen | Lichamelijke of geestelijke gezondheid |
| Hoogte van totaal maandelijks netto-inkomen | |
| Inkomensbewijzen | |
| Bedrag van huidige huur of een verhuurdersverklaring |
Voorbeelden van mogelijke discriminatie
Discriminatie mag niet. Maar er is wel een uitzondering op het verbod op (indirecte) discriminatie. Dit noemen we een objectieve rechtvaardiging. Een objectieve rechtvaardiging maakt dat de uitzondering passend en noodzakelijk is. Wanneer is er mogelijk wel sprake van discriminatie van de verhuurder? Een aantal voorbeelden:
- Een verhuurder heeft negatieve ervaringen met een Marokkaanse huurder. Deze Marokkaanse huurder gaf overlast. Daarom wil de verhuurder geen andere Marokkaanse huurders meer in zijn woning.
- Een verhuurder wil een woning alleen verhuren aan expats. De verhuurder heeft daarvoor geen goede reden, er is dus geen sprake van objectieve rechtvaardiging.
- Een verhuurder wil niet verhuren aan alleenstaande moeders. Dat komt omdat de verhuurder het stereotype beeld heeft dat zij de huur niet op tijd betalen.
- Een verhuurder wil een woning niet verhuren aan iemand met een tijdelijke verblijfsvergunning, omdat het onzeker is of de verblijfsvergunning wordt verlengd.
- Een verhuurder wil een woning niet verhuren aan iemand die niet goed Nederlands kan. De verhuurder heeft hiervoor geen goede reden, er is dus geen sprake van objectieve rechtvaardiging.
- Een verhuurder wil niet verhuren aan mensen met een Indiase achtergrond. Dat komt omdat de verhuurder denkt dat zij de keuken vies zullen achterlaten.