Het Gebiedsbudget is een financiële bijdrage van het Rijk voor gemeenten met een nationaal grootschalig woningbouwgebied waar de woningbouwopgave complex is. Gemeenten kunnen het budget inzetten voor noodzakelijke publieke investeringen. Zonder deze investeringen komt de woningbouw in sommige nationaal grootschalige woningbouwgebieden niet of te langzaam op gang.
Aanvulling op de Realisatiestimulans
Het Gebiedsbudget is een aanvulling op de Realisatiestimulans. Via de Realisatiestimulans ontvangen gemeenten een vaste bijdrage van € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw is gestart. Bij de ontwikkeling van de nationaal grootschalige woningbouwgebieden is die bijdrage soms niet genoeg. Er zijn dan grotere, gebiedsgerichte investeringen nodig om de afgesproken aantallen woningen daadwerkelijk te realiseren en de bouw te versnellen. In zulke gevallen kunnen gemeenten het Gebiedsbudget inzetten. Zij moeten dan wel kunnen aantonen dat de gebiedsmaatregelen waarvoor zij het budget inzetten noodzakelijk zijn voor de woningbouw.
Hoe en wanneer wordt het Gebiedsbudget ingezet?
De inzet van het Gebiedsbudget wordt vastgelegd in bestuurlijke afspraken tussen het Rijk en medeoverheden. Voor de besluitvorming wordt aangesloten bij bestaande overleggen, zoals het BO MIRT. De reden hiervoor is dat investeringen in woningbouw vaak samenhangen met bijvoorbeeld investeringen in bereikbaarheid. Uiteindelijk beslist de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) over de inzet van het Gebiedsbudget. Gemeenten zetten het Gebiedsbudget meestal in rond de start van de bouw of tijdens de realisatie van de woningen.
Let op: over alle beschikbare middelen voor het Gebiedsbudget zijn inmiddels afspraken gemaakt. Het budget is volledig besteed.