De Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen (EPBD IV) introduceert een manier om de uitstoot van broeikasgassen van gebouwen te berekenen. Deze methode heet Whole Life Cycle Global Warming Potential (wlc-gwp) en laat zien wat de broeikasgasuitstoot is gedurende de gehele levenscyclus van een gebouw.
Wat is wlc-gwp?
De berekening van de wlc-gwp omvat alle fasen van de levenscyclus van gebouwen: van het winnen en produceren van grondstoffen, het gebruik van het gebouw tot het slopen en verwerken van materiaal dat overblijft na de sloop. Voor de levenscyclus hanteert Europa een levensduur van 50 jaar. Zowel de uitstoot van het energiegebruik van het gebouw zelf als de uitstoot door bouwproducten, zoals bakstenen en dakbedekking, en installaties worden meegenomen. Vanaf 2030 moet Nederland eisen invoeren voor de maximale uitstoot van gebouwen in kg CO2eq per m2 gebruiksoppervlakte per jaar.
Bepalingsmethode en rekeninstrumenten
De nationale bepalingsmethode voor het berekenen van de wlc-gwp is nog in ontwikkeling. Daarbij wordt voortgebouwd op bestaande instrumenten voor het berekenen van de milieuprestaties van gebouwen, waaronder de Nationale Milieudatabase en de Bepalingsmethode milieuprestatie gebouwen.
Berekeningen voor de wlc-gwp mogen alleen worden gemaakt met rekeninstrumenten die zijn gevalideerd door de Stichting Nationale Milieudatabase (NMD). Op die manier worden alleen de aangewezen versie van de Bepalingsmethode wlc-gwp gebouwen en de juiste milieudata gebruikt.
In het najaar van 2026 publiceert de Stichting NMD een herziene versie van de Bepalingsmethode wlc-gwp gebouwen. Daarin zijn de resultaten van actuele onderzoeken en afstemming met belanghebbende partijen verwerkt.
Wat is het verschil tussen wlc-gwp en mpg?
Op dit moment is er al een eis in de bouwregelgeving voor de milieuprestatie van een gebouw (mpg). Het kabinet onderzoekt nog welke rol de mpg krijgt naast de wlc-gwp.
Stapsgewijze invoering
De invoering van de regels rond wlc-gwp verloopt in drie stappen.
Uiterlijk 1 januari 2027 komt er een routekaart die laat zien hoe de uitstoot van broeikasgassen van nieuwe gebouwen stap voor stap wordt teruggebracht richting klimaatneutraal in 2050. Ook bevat de routekaart de eisen die vanaf 2030 gelden en streefwaarden voor de periode daarna. Deskundigen en belanghebbende partijen uit de bouwsector zijn betrokken bij de uitwerking hiervan.
Vanaf 2028 moet voor nieuwe gebouwen groter dan 1.000 m² een berekening voor wlc-gwp worden gemaakt. De energielabeladviseur zet de uitkomst vervolgens op het energielabel van het gebouw. Die berekeningen hoeven niet te worden gemaakt voor appartementencomplexen, flats en industriegebouwen. De reden hiervoor is dat deze gebouwen geen energielabel hebben.
Vanaf 2030 moeten alle nieuwe gebouwen waarvoor een energielabel verplicht is, voldoen aan eisen voor wlc-gwp. Ook moet de wlc-gwp op het energielabel staan. De nu verwachte eisen voor verschillende gebruiksfuncties en kleine appartementen worden opgenomen in de routekaart. De definitieve eisen worden uiterlijk in de zomer van 2029 gepubliceerd in het Besluit bouwwerken leefomgeving.
Hoe gaat het verder?
De routekaart wordt dit najaar gedeeld met de Tweede Kamer en moet uiterlijk 1 januari 2027 bij de Europese Commissie zijn ingediend. Daarna volgen wijzigingen van de Omgevingsregeling (Or), inclusief de herziene bepalingsmethode, en het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Begin 2027 komt er een internetconsultatie over deze wijzigingen.