Gemeenten en woningcorporaties werken dagelijks aan het vinden van passende woonruimte voor uiteenlopende groepen woningzoekenden. In een krappe woningmarkt vraagt dat om creativiteit en samenwerking. Ook voor nieuwkomers zoeken organisaties naar woonvormen die aansluiten bij hun situatie. In Middelburg namen Kim Hovius vanuit de gemeente en José Baars van de Koorkerk het initiatief voor een woongemeenschap voor vrouwen met een verblijfsvergunning. Hoe pakten zij dat aan?
Kim Hovius, coördinator vluchtelingenopvang bij gemeente Middelburg
In de zomer van 2025 kreeg Kim Hovius, coördinator vluchtelingenopvang bij de gemeente Middelburg, een telefoontje van woningcorporatie Woongoed. Er was een pand beschikbaar, vlakbij de Onze-Lieve-Vrouwe-abdij. Zeventien kamers met gedeelde voorzieningen, verdeeld over twee naast elkaar gelegen woningen. Jarenlang waren deze kamers gebruikt als studentenhuisvesting, maar de vraag liep terug. Of de gemeente er iets mee kon?
Kim hoefde niet lang na te denken. “Ik dacht: natuurlijk willen wij dat. Als gemeente hebben we de taak om 90 statushouders in 2026 te huisvesten. Om dat doel te halen, was dit pand heel geschikt.” Omdat het om voormalig studentenpanden ging, was de bestemming al geschikt voor kamergewijze bewoning. Dat scheelde tijd. Kim koos verder bewust voor één specifieke bewonersgroep: vrouwen die zich voorbereiden op mogelijke gezinshereniging. “Om de inburgering te starten in Middelburg is kamerbewoning voor deze groep vrouwen heel geschikt. Als op langere termijn mogelijk gezinshereniging plaatsvindt is een ander type woonvorm nodig, maar op deze wijze kunnen ze starten met hun inburgering. Dat perspectief geeft deze nieuwkomers in Middelburg hoop.”
Anderhalve week
Tussen besluit en verhuizing zat weinig tijd. In anderhalve week werd het pand opgeknapt en ingericht. Dat gebeurde met hulp van de Koorkerk, een kerkelijke gemeente naast de deur.
José Baars, vrijwilliger bij de Koorkerk
José Baars, vrijwilliger bij de Koorkerk, vertelt hoe haar gemeenschap erbij betrokken raakte: “Een kerk is een fantastische vindplaats van actieve, positief ingestelde vrijwilligers. Kim kende onze gemeenschap al, omdat wij lunches voor statushouders organiseren en als protestantse kerken een diaconale doorstroomwoning realiseerden. Al snel stond er een ploeg vrijwilligers klaar met kluservaring, emmers sop en goede moed.
De gemeente koos ervoor om elke kamer hetzelfde basisniveau te geven: een bed met matras, een kastje en een eigen koelkast. De inrichting komt grotendeels uit donaties en tweedehands spullen. In anderhalve week was het pand klaar voor bewoning.
Een rij tot buiten
Voor het informeren van de buurt koos Kim een praktische aanpak. Geen formele bijeenkomst op het gemeentehuis, maar gewoon de deur openzetten. “Dan hoor je ineens: joehoe, is er iemand? En dan staan er mensen binnen die willen weten wat er gebeurt.” Naar de directe omgeving ging een introductiebrief, maar het echte contact ontstond in het gebouw.
Rond kerst organiseerde Kim een kennismakingsmoment met de buurt. Bewoners maakten hapjes uit hun herkomstland, de wethouder kwam langs en buurtbewoners waren welkom. Er stonden mensen tot buiten in de rij. Er zijn zeker veertig mensen geweest.” Vrijwilligers van de Koorkerk gaven de bewoners een welkomstcadeautje. Buurtbewoners brachten zeventien bloemetjes mee, één voor elke vrouw. De buren kwamen om echt kennis te maken: 'Oh, waar kom jij dan vandaan?'”
José en Kim
De eerste groep bewoners in het pand bestaat uit een zeventien vrouwen uit Somalië, Eritrea, Syrië, Afghanistan en Venezuela, met verschillende leeftijden, achtergronden en overtuigingen. “Een flink experiment”, zegt Kim. “Maar het gaat niet anders dan op andere plekken waar mensen samenwonen.”
De bewoners krijgen de reguliere begeleiding vanuit VluchtelingenWerk. De inbreng van de Koorkerk was een aanvulling daarop. De contacten worden nu verder onderhouden door in kleinere groepjes samen te koken en te eten bij mensen van de Koorkerk thuis. “Het zijn over en weer heel fijne ontmoetingen”, besluit José.
Advies aan andere gemeenten
De situatie in Middelburg is niet overal één op één te kopiëren. De locatie, het bestaande pand en de schaal maken dit project bijzonder. En ook hier gaat niet alles vanzelf. Toch zijn er duidelijke lessen. Kim: “Begin bij de samenstelling van de groep. Denk na over wie je samenbrengt in een buurt en welk perspectief die mensen hebben. En houd het overzichtelijk, het kan ook met een kleinere groep. Door een grote woning aan te kopen, of via de woningbouw een al bestaande kamergewijze woon- en vergunningsvorm te benutten. Dan doe je het kleinschalig en je bent dan ook bezig om bestaande woningen slim te benutten door woningdelen.”
Nog een les: zorg voor betrokkenheid. Iemand die regelmatig langskomt, contact onderhoudt en problemen snel oppakt. Kim: “Zonder dat sociaal beheer was dit project niet gelukt. Werk daarbij samen met partijen die dichtbij staan, zoals vrijwilligersorganisaties en kerken.” José sluit zich daar van harte bij aan: “Dat vind ik heel tof van de gemeente Middelburg, dat zij ons bij dit project hebben betrokken. Onze gemeenschap heeft inmiddels aardig wat ervaring in de omgang met vluchtelingen en nieuwkomers. En stel je eens voor wat voor effect dat heeft. Iedereen is één keer per jaar jarig en vertelt familie en vrienden daar dan vast en zeker over, waardoor meer mensen open gaan staan voor contact en ontmoeting met nieuwkomers in Middelburg
En tot slot: je kunt altijd klein beginnen, en gaandeweg ontdekken wat anders moet of kan. “Elke plek en elke groep vraagt om zijn eigen aanpak Kijk naar wat er wél kan en zoek mensen om je heen die dat ook zien.”, sluit Kim af.