De grootte van een woningcorporatie hoeft geen belemmering te zijn voor de betrokkenheid bij huurders en de buurt. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport ‘Weten wat er speelt, doen wat nodig is’, dat minister Elanor Boekholt-O'Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) vandaag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Aanleiding voor het onderzoek zijn zorgen vanuit met name gemeenten over de gevolgen van schaalvergroting en grotere werkgebieden.
Uit het onderzoek blijkt dat ook grote corporaties goed bereikbaar zijn voor huurders en lokaal nauw samenwerken met gemeenten en andere organisaties, mits zij hun organisatie hierop inrichten. Wel ervaren huurdersorganisaties dat het steeds lastiger wordt om alle ontwikkelingen bij te benen. Ook het vinden van opvolgers voor bestuursfuncties blijkt een uitdaging.
Corporaties die veel woningbezit hebben en in meerdere gemeenten actief zijn doen er verstandig aan om lokale kennis, zichtbaarheid en bereikbaarheid goed te organiseren. Daarbij helpt een bedrijfscultuur waarin medewerkers de ruimte krijgen om lokaal beslissingen te nemen en in te spelen op wat er in de wijk nodig is, aldus het onderzoek.
Het onderzoek laat zien dat de positie van huurdersorganisaties kwetsbaar is. Zij zijn meestal een volwaardige gesprekspartner, maar veel organisaties hebben moeite om genoeg vrijwilligers te vinden en om alle ontwikkelingen te volgen. Daarom is een vervolgonderzoek gestart naar huurdersparticipatie bij woningcorporaties in Nederland. De uitkomsten worden gebruikt om te kijken hoe de positie van huurdersorganisaties kan worden versterkt.
Onderzoek
Het is de eerste keer dat is onderzocht of de grootte van woningcorporaties invloed heeft op hun lokale betrokkenheid. Het onderzoek is uitgevoerd door bureau Rigo, in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK), branchevereniging Aedes en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). De succes- en risicofactoren uit het onderzoek bieden woningcorporaties handvatten om hun lokale verankering verder te versterken.