De drie thema's van de LVW

Sneller en anders bouwen

1. Innovatie en digitalisering in de woningbouw

Willen we echt sneller bouwen dan moeten we ook anders bouwen. In 2025 is daarom het Programma Innovatie en Opschaling Woningbouw gestart. Dit komt onder meer voort uit eerdere Woontop-afspraken en is breed opgezet. Naast diverse ministeries zijn partijen als VNG, Aedes, Bouwend Nederland, De Bouwcampus en het College van Rijksbouwmeesters en Rijksadviseurs betrokken. Het programma heeft vier pijlers: industriële woningbouw, digitalisering, innovaties voor woningbouwbelemmeringen en maatschappelijke innovaties. De eerste twee pijlers stonden centraal in 2025.

Industriële woningbouw

Het doel is om industriële woningbouw veel grootschaliger toe te passen, omdat de traditionele bouw de woningopgave simpelweg niet meer aankan. Fabrieksmatig bouwen is sneller, goedkoper en ook duurzamer, maar werkt alleen als fabrieken voldoende volume krijgen. Daarom zijn ‘bouwstromen’ van belang: meerdere corporaties, beleggers of andere opdrachtgevers bundelen hun vraag en kopen samen honderden woningen in. Dat geeft fabrieken de zekerheid voor de lange termijn die nodig is om te investeren, productie op te schalen en sneller te leveren. Het gaat niet alleen om gezamenlijke, grootschalige inkoop; van belang is ook dat locaties en gemeenten vroegtijdig aanhaken.

In 2025 is gewerkt aan een nieuwe aanpak: bouwstromen worden gekoppeld aan bestaande Woondeal-afspraken. Provincies en gemeenten zijn vanaf het begin betrokken en spreken expliciet af dat zij locaties aanwijzen waar industriële woningbouw mogelijk en gewenst is. Dit is noodzakelijk om opschaling echt te laten werken. Noord-Holland en Limburg zijn in 2024 gestart met deze aanpak. 

Digitalisering

Woningbouw is steeds complexer geworden door botsende belangen rondom bijvoorbeeld stikstof, netcongestie, water en bodem. Vooral het voortraject zorgt voor vertraging. Als relevante data eerder, beter en samenhangend beschikbaar zijn, kunnen keuzes veel eerder worden gemaakt. Het slim combineren en benutten van bestaande data maakt het mogelijk sneller prioriteiten te stellen en scenario’s te vergelijken. Bovendien kunnen disciplines gelijktijdig werken vanuit dezelfde informatiebasis.

Een eerste praktische toepassing van verdere digitalisering in de keten is de Fast Lane voor vergunningverlening, met pilots in Rotterdam en de Groene Metropoolregio Nijmegen. Bij een Fast Lane-systeem krijgen industrieel geproduceerde woningen met typegoedkeuring versneld een vergunning. Dit laat zien hoe digitalisering van processen en slim datagebruik kunnen bijdragen aan het verkorten van vergunningstrajecten. 

Innovaties voor woningbouwbelemmeringen en maatschappelijke innovaties

Voor de derde pijler - het verkennen en ontwikkelen van innovaties voor bestaande woningbouwbelemmeringen - zet het IOP innovatie-calls uit. In 2025 ging de eerste call over netbewust bouwen. De vierde programmapijler, gericht op de bredere maatschappelijke context van woningbouw, moet bijdragen aan betere leefbaarheid, duurzaamheid en toekomstbestendigheid. Daarbij horen randvoorwaarden als circulariteit, CO₂-reductie en Europese duurzaamheidskaders. 

Accenten in 2026

In 2026 bouwt het IOP voort op deze pijlers en de verdere implementatie en opschaling ervan. Ook komt er een nieuw accent bij: AI-toepassingen in de woningbouw. Bijvoorbeeld bij vergunningverlening, planvorming en gebiedsanalyse. Het doel is om landelijk tien tot vijftien concrete proof of concepts te ondersteunen en op te schalen.

2. Nieuwbouw bij woningcorporaties

De LVW stimuleert en bemiddelt wanneer de bouw van nieuwe corporatiewoningen vastloopt, zoals bij projecten die door vergunningprocedures vertragen of als de samenwerking tussen partijen stokt. In regio’s waar de woningbouwproductie structureel achterblijft, helpt de LVW betere samenwerking te organiseren tussen corporaties, gemeenten en marktpartijen. Daarnaast agendeert de LVW belangrijke thema’s rondom (sociale) woningbouw, waaronder problemen met het energienet, financiering, tijdelijke huisvesting, middenhuur en grondprijzen.

Interventies

In 2025 lag de focus op het verhogen van de realisatiegraad. Er waren interventies bij meer dan tien (dreigend) vastlopende corporatieprojecten, bijvoorbeeld in Woensel-Zuid (Eindhoven), Oosterwold (Almere) en Eijsden-Margraten. Dit leidde onder meer tot de herstart van trajecten en afspraken over doorbouw.

Veel aandacht ging naar het gebied Haaglanden, waar een opgave ligt van 25.000 sociale huurwoningen. De corporaties hebben gezamenlijk investeringsruimte voor 15.000 woningen. Tijdens een landelijke zoektocht naar investeerders voor die overige 10.000 woningen bleek echter dat de corporaties slechts 5.000 woningen realiseren. Daarom richten ze zich nu eerst op het verhogen van deze realisatiegraad en onderlinge hulp bij financiële knelpunten. Met hulp vanuit de LVW zijn er gesprekken gevoerd tussen corporaties, gemeenten en ontwikkelaars hoe de realisatie versneld kan worden. Een gezamenlijke themadag met wethouders, corporatiebestuurders en ontwikkelaars resulteerde in tien acties om de productie te verhogen, zoals ‘optoppen en aanplakken’ en een betere afstemming met gemeenten en marktpartijen.

Ook de regio Rotterdam kampt met problemen: het aantal sociale huurwoningen groeit niet. Sterker nog: de voorraad krimpt omdat sloop, verkoop en nieuwbouw elkaar opheffen. De gemeentelijke ambities liggen hoger dan wat corporaties realiseren of kunnen financieren. De aantallen die de gemeenten met de provincie en het Rijk hebben afgesproken in de Woondeal zijn hoger dan de productie die zij met de corporaties hebben afgesproken. Daarnaast bestaat tussen de gemeenten discussie over het huisvesten van mensen die op een sociale huurwoning aangewezen zijn. Om deze knoop te ontwarren, gaat de LVW komend jaar gesprekken organiseren met alle betrokkenen.

Vertrouwen herstellen

Een terugkerend thema is dat partijen moeite hebben om hulp te vragen en conflicten (tijdig) te escaleren. De LVW vervult daarom ook een rol als ‘relatietherapeut’. Door het onderlinge vertrouwen te herstellen dat de basis vormt voor samenwerking en solidariteit, lukt het vaak bouwprojecten weer vlot te trekken.

Accenten in 2026

In 2026 blijft er aandacht voor regio’s waar de realisatie structureel achterblijft, met prioriteit voor Haaglanden en Rotterdam. Doel is aantoonbaar meer woningen opleveren. Daarnaast wil de LVW structurele knelpunten zwaarder agenderen richting politiek en beleid. Denk aan netcongestie en het feit dat het corporatiestelsel financieel tegen haar grenzen aanloopt.

3. Wonen, welzijn en zorg voor ouderen

Een ander thema waar de LVW zich voor inzet is woningbouw voor ouderen. Dit is een belangrijke doelgroep binnen de woningbouw vanwege de vergrijzing van onze samenleving. LVW-lid Hans Adriani is trekker van het Aanjaagteam Wonen Welzijn Zorg voor Ouderen (WWZO). In 2025 is ouderenhuisvesting met wonen en zorg steviger op de agenda gekomen. Landelijk gaat het om een opgave van 290.000 woningen tot 2030, ongeveer een derde van de totale woningbouwopgave. Die omvang staat inmiddels niet meer ter discussie en is bestuurlijk vastgelegd in afspraken tussen gemeenten, regio’s, provincies en het Rijk.

De praktijk blijft echter weerbarstig. Ongeveer de helft van de opgave zit nu in plannen, waarvan slechts een kwart ‘hard’ is en daadwerkelijk klaar voor start bouw. Tegelijkertijd is dit een duidelijke stap vooruit ten opzichte van een jaar eerder. Bij corporaties (en in mindere mate bij beleggers) staat ouderenhuisvesting inmiddels vaker in de programmering.

Een belangrijk spoor in 2025 was de start van de aanpak ‘van bod naar plot’: waarbij afspraken uit woondeals (het 'bod') worden vertaald naar daadwerkelijke bouwlocaties (het 'plot'). Gemeenten bepalen samen met corporaties, zorgpartijen en ontwikkelaars waar ‘wonen met zorg’ logisch is op basis van demografie, bestaande voorzieningen en toekomstige bouwlocaties. Dit helpt gemeenten om actiever te sturen op bouwen voor ouderen.

Ouderenhuisvesting is niet alleen een bouwvraagstuk, maar ook een zorgopgave. Zorgzame woongemeenschappen, waarin bewoners elkaar ondersteunen en aanvullende professionele zorg beschikbaar is, staan centraal. Dit vraagt om nieuwe vormen van samenwerking, ontwerp en financiering.

Accenten in 2026

Het Aanjaagteam Wonen Welzijn Zorg voor Ouderen (WWZO) stopt in de zomer van 2026. De komende periode ligt de focus op borging: zorgen dat het thema ouderenhuisvesting belegd is in de bestaande bestuurlijke en regionale structuren, en een vast onderdeel is van de programmering en besluitvorming. Dit kan de realisatie van ouderenwoningen daadwerkelijk versnellen. En dat is niet alleen goed voor de doelgroep zelf: goede ouderenwoningen zorgen uiteindelijk voor doorstroming in de hele woningketen: van vrijstaande villa’s en eengezinswoningen tot en met starterswoningen.

Heb jij een vraag of probleem rondom een van deze thema's, en heb je de hulp van de LVW nodig? Mail ons dan op lvw@minbzk.nl.